Jaarlijks maakt Club Guy & Roni tijd en ruimte vrij voor nieuw talent. Jonge makers die de grenzen van dans oprekken. Dit jaar valt de eer te beurt aan twee duo’s: Rebecca Laufer & Mats van Rossum presenteren hun ‘Saints’. Het ‘JA Collective’ bestaande uit Aiden Carberry en Jordan Johnson houden hun ‘Sun Dog’ ten doop.
Dat moderne dans niet zonder gevaar is, bevestigt een mailtje van de organisatie en een aankondiging vooraf: een van de dansers is de avond ervoor tijdens de try-out dermate geblesseerd geraakt dat zij er vanavond niet bij kan zijn. De choreografieën zijn aangepast.
Meerdere korte voorstellingen op een avond zijn absoluut favoriet bij mij. Ik zie alweer halsreikend uit naar het Noorderzon Festival waar je op een dag zo twee tot vier korte producties kunt oppeuzelen. Als in een restaurant. Ik kies meestal niet voor een hoofdgerecht maar voor twee of drie voorgerechtjes: starters. Veel verschillende ingrediënten, heel verschillende smaken en opmaak en vaak een stuk avontuurlijker dan een zeebaars of biefstuk. Bijkomend voordeel: soms valt een gerechtje wat tegen en met meerdere gerechtjes heb je altijd een eerste of tweede herkansing en kan een brigade zich revancheren.
Voor een uitverkocht huis mag ‘Saints’ aftrappen.
Bij binnenkomst ontwaren we een huiskamer. Drie wanden met textielbespanning (ook wel betengeling genoemd: wie kent dit nog?) en bijeengeraapt meubilair van een willekeurige studentenkamer. Portable TV op een stapel pizzadozen, lectuurbak op een krat pils, een skai tweezitter bijeengehouden door een rol ducttape, een linnenkast met bovenop een door de mot aangevreten fazant, veel drankflessen en een poster en stickers van de extravagante en bombastische rockband KISS. In Christelijke gelederen werd gefluisterd dat het een afkorting zou zijn van Knights in Satan’s Service. Op de bank een vrouwenfiguur in een grijs mantelpakje en pumps. Het zou zo een vintage decor kunnen zijn voor een foto van Erwin Olaf.

Een soundscape start en de vrouw vouwt en ontvouwt zich in schier onmogelijke poses door de kamer. Na elke black-out van het licht zien we een nieuwe combinatie van spelers. Het decor geeft van alles prijs maar neemt nog meer. Overal zijn openingen en ook de tweedeurs linnenkast doet mee. Enorme harige klauwen sleuren spelers weg van de vloer, plotselinge handen uit de betengeling knevelen, een zesbenige reuzenspin (missen we hier merkbaar de geblesseerde danser?) kruipt door de kamer. Wat een prachtige creatie en prestatie, ik hap naar adem. Maar vooral de spelers kronkelen in een adembenemende reeks van acrobatische toeren. Als rituelen die duivels aandoen en de Goden verzoeken.
Meer en meer krijg je het gevoel in een bizarre mix van slapstick en regelrechte horror te zijn beland. De outfits en grime zouden op een Halloweenfeest absoluut in de prijzen vallen, de vaak weggedraaide ogen accenturen dit. Ook de beloofde humor ontbreekt niet. Door de brievenbus stromen de blauwe enveloppen binnen, een ongenode gast vermomt zich als schemerlamp die ook plots licht geeft. Heel subtiel en heel grappig. Maar vooral de dans/bewegingen zijn avontuurlijk en heel goed. Timing is alles. Ik heb nog nooit iets dergelijks beleefd en ga overdonderd de pauze in. Deze eerste starter smaakt naar meer!
En meer krijgen we. Het is de beurt aan ‘Sun Dog’ van het JA Collective.
Een black box dit keer met in de lucht een metalen frame van zestien identieke vakken. Op de kruisingen een felle witte spot. Ook hier vangt één danser aan. Ook hier na black-outs andere formaties. Ook hier een soundscape van muziekfragmenten, beats en geluiden. Maar verder is alles anders. Duizelingwekkende bewegingsroutines van handen en armen, voeten en benen. Een soort Vogue maar dan versneld afgespeeld. Het frame kantelt en wordt een klimrek. Behendig kiezen de dansers positie en de acrobatische toeren gaan door.

Ik heb zo langzamerhand behoorlijk wat dans verorberd maar de taal van dans versta ik nog altijd niet. Carberry en Johnson trakteren ons ook op iets waar ikzelf erg fan van ben: bijna eindeloos repeterende bewegingen op pompende beats. Solo, in duet en dan weer met het gehele ensemble. Zoals ik eerder wel bij Nanine Linning en Adam Peterson heb beleefd. Het frame heeft nog meer smaken. Vervaarlijk wordt het als een schoepenrad aangezwengeld en rondgedraaid. Twee dansers ontsnappen steeds maar net aan de gulzige en vernietigende constructie. Werkelijk elk hapje van deze starter is tongstrelend.
Twee totaal verschillende starters, twee totaal verschillende smaken en opmaak en beide even avontuurlijk en verrukkelijk. Beide maker-duo’s kregen dezelfde ingrediënten: zeven spelers waarvan zes in actie. Wat een ongelooflijke prestatie. Zo ontzettend veel bewegingen, zo strak maar tegelijkertijd avontuurlijk, gevaarlijk, roekeloos bijna. Ik was wel even afgunstig op de lenigheid, souplesse, kracht en snelheid van de dansers. Dan realiseer ik me weer goed dat dat voor mij voltooid verleden tijd is. En dat doet best even zeer. Maar al sta ik niet meer ‘achter de kachel’ van theaterdiners, ik mag wel proeven en erover schrijven. En dat is dit keer geen straf. Ik kan het u aanraden: ga voortaan voor starters!
Makers
Choreografie en regie: Mats van Rossum & Rebecca Laufer, Aidan Carberry & Jordan Johnson | regieassistent: Nik Rajšek | artistiek coordinator: Roni Haver | dramaturgie: Friederike Schubert cast: Alex Ripoll, Jade Gourdon, Lucio Volcov, Michele Tucci, Mireia Güell, Zijneb Hassinini, Milica Bajcetic | decorontwerp: Ascon de Nijs | kostuumontwerp: Tania Ballve | lichtontwerp: Wil Frikken
Foto's: © Gergely Ofner, A CLASH, CLUB GUY & RONI INVITES


